How to lie with statistics

20

Ik snap niet dat de beleidsmakers niet gek worden van al die cijfers die ze moeten verwerken om tot goede beslissingen te komen. Op alle mogelijke gebieden wordt er naar cijfers gevraagd. Voor elk beleid, of het nu gaat om het onderwijs, de zorg, de immigratie, de inburgering of welk beleid dan ook, het lijkt er op dat men eerst cijfers wil zien om verantwoord te werken. Ik kan niet ontkennen dat statistieken van groot belang zijn als achtergrondinformatie om tot bruikbaar en toepasbaar beleid te komen, maar het blijft een onbetrouwbaar gegeven. De computer kan het beleid nooit helemaal overnemen, want het is nooit meer dan een belangrijk middel.

Gelijksoortige feiten van statistiek zijn zelden gelijk en vaak niet met elkaar te vergelijken. Objectiviteit, betrouwbaarheid en validiteit ten spijt. Als in het immigratiebeleid, in de zorg of in het onderwijs van cijfers gebruik wordt gemaakt betekent het wel dat elke immigrant, elke zieke en elke leerling uniek is. Bij statistieken gaat het om de kwantiteit van gelijkwaardige feiten en dat is van grote waarde voor het technisch denken. Maar het kwalitatieve denken komt niet tot zijn recht door cijfermatige feiten. Bij de kwantiteit gaat het om “tellen” van wat er gemeten wordt en bij kwaliteit gaat het om “het begrijpen van wat gemeten wordt. Bij beleid gaat het veelal om unieke gevallen, om mensen. In sociaal beleid gaat het altijd om menselijkheid, om relaties, om gevoelens, die niet in cijfermatige statistieken te vangen zijn.

Ik herinner me nog dat ik jaren geleden een interessant boekje in handen kreeg: ‘how to lie with statistics’. De auteur ben ik vergeten. Maar ik heb wel begrepen dat statistieken zonder inzicht in de achtergrond onbetrouwbaar zijn. Twee wetenschappers hebben getoond hoe bedrog met statistieken mogelijk is. De kwaliteit, de menselijkheid, de relatie, de zingeving blijven eraan onttrokken. Als ik bij de dokter kom met een ongeneselijke kanker en te horen krijg dat er maar 10% kans is om te genezen is dat een belangrijke rationele conclusie, maar voor mij is het niet belangrijk. Voor mij blijft de diepgaande ervaring of ik dood ga of blijf leven. Dat is voor mij relevant. Dan zeggen percentages niet veel meer.

Een statistiek denkt over mensen als zakelijke objecten en niet met de mensen met een eigen vrijheid. Een interessant voorbeeld voor het rationele beleid is de inburgeringscursus met een teleurstellend resultaat. Zelfs een erkend schrijver van Nederlandse boeken zakte ervoor. Veel belangrijker bij de inburgeringscursus is het intermenselijke contact. Het immigratiebeleid denkt in statistieken over de mensen en gaat niet in op contacten met mensen uit een andere cultuur.

Vreemdelingen kunnen gemakkelijk inburgeren als ze goede relaties hebben met bijvoorbeeld de plaatselijke bewoners die hen wegwijs maken over het maatschappelijke leven. Buitenlandse kinderen leren op school in korte tijd de Nederlandse taal en omgangsvormen van de andere kinderen. Die burgeren via de omgang met anderen vanzelf in. Ze behoeven geen aparte inburgeringscursus. Daar wordt niet veel aan gedaan en het loopt vanzelf. 

Relatiedeskundigheid in het beleid is van het grootste belang maar die is helaas in statistieken vervaagd en men vergeet dat die vaak liegen.


Paul de Blot SJHartelijke groet,

Paul de Blot
Hoogleraar Business Spiritualiteit
Nyenrode Business Universiteit

20 REACTIES

  1. Beste Paul,

    Het bekende gezegde ‘er zijn leugens, grove leugens en statistieken’ is hier van toepassing. Cijfers zijn nuttig, maar ze moeten wel in de juiste context geplaatst worden. Bovendien kun je je ook in toenemende mate afvragen of de cijfers wel correct zijn en een volledig beeld van de ‘waarheid’ geven. Tegenwoordig zadelt de industrie ons op met het verschijnsel ‘big data’. Recent las ik dat IBM had uitgerekend, dat 90% van alle beschikbare data op deze aardkloot in de afgelopen twee jaar ontstaan zijn. Dus dat moet geanalyseerd worden.

    1. Hoe is de totale hoeveelheid data berekend?
    2. Waarom moet dit geanalyseerd worden?

    Ad. 1. : dat wordt niet nader toegelicht oftewel we moeten de samenstellers van het BIG DATA handboek (werknemers van IBM) maar geloven.
    Ad. 2. : door de analytische software bril bekeken. Ja natuurlijk, want dat levert centjes op.

    Maar als we eerlijk zijn, dan kunnen we het ook rustig zonder die uitgebreide complexe analyse doen.

    Ik wil nog wel een onderscheid maken tussen technische en niet-technische statistieken. In de techniek is het werken met cijfers wel degelijk van essentieel belang. In de economie en sociale wetenschappen denk ik dat we met heel wat minder toekunnen (het zou de verwarring aanzienlijk verminderen).

    Vriendelijke groet,

    Marcel

  2. Wat weer een hartverwarmend stuk. Dank.

    Het sterkt me in mijn voornemen om zelf geen ‘cijfers’ meer te hanteren in mijn argumentaties. Evenmin wil ik ze nog accepteren als een doorslaggevend argument. Ik wil horen welk doel, welke utopie de beleidsmakers aan het verwezenlijken zijn met hun beslissingen, net zoals ik dat in mijn argumentaties zal gaan gebruiken. Want het zijn mensen die beslissen en uitvoeren. Regels worden door mensen gemaakt en door mensen uitgevoerd. In de nieuwe samenleving zoals die mij voor ogen staat, zijn mensen hartsverbonden en leven en werken vanuit die verbondenheid. Die verbondenheid zal ons, mensen, in staat stellen de hemel op aarde te realiseren. Eenvoudiger is het niet te maken, wel makkelijker.

  3. Goedeavond Paul,

    Kwantiteit en kwaliteit, ze gaan samen zoals Yin en Yang. Managers zien graag cijfers: “Eerst zien dan geloven”, of “Meten is weten”, en dan een besluit nemen. De zintuigelijke waarneming van het overlevingsinstinct. Gevangen in dualiteit, zijn de ego’s een speelbal van “klik-klak.” De oplossing van het ene probleem is weer de oorzaak van het volgende:samsara. Maar zodra managers vanuit hun innerlijk gaan beslissen, de intuitie, de innerlijke wijsheid. In feite draagt ieder mens alles wat hij nodig heeft aan informatie altijd al bij zich. Hoe doe je dat dan? Als de tijd rijp is! En die rijpheid komt er voor iedere ziel. Kwantiteit of kwaliteit ? Wie zal het zeggen?
    Wat over blijft is mysterieus, het terrein van de mysticus, die een brug legt tussen beide tegenpolen en daarin tot wijze besluiten weet te komen. Zodra er meer koning Salomo’s aan het bewind komen zal de aarde een paradijs worden. Het als Star war’s . De synchroniciteit (volgens Jung) van deze filmcyclus met de werkelijke aardse gebeurtenissen (achter de schermen) is groot. Zal de vrije wil ons met sith’s of jedi’s opleveren?

  4. Beste Paul,

    Een meesterlijke column. De kwantiteit “tellen” kent zijn waarde als deze bijdraagt aan de kwaliteit “begrijpen” van de informatie.
    Het startpunt van ons handelen is besluitvorming. Bij de oordeelsvorming die daar aan vooraf gaat is intuïtie een belangrijke basis. Dit onderbewuste, kan tot 200.000 keer meer informatie verwerken dan ons bewuste. Kwantiteit kent dus zijn waarde, maar op een ander abstractieniveau. Aan de beleidstafel ligt de kwantitatieve behoefte echter op concreet niveau; cijfers en statistics. Een gevolg van de rationalisering van de samenleving en bedrijfsvoering in de achter ons liggende periode. Ontwikkel het vermogen en lef om intuïtie professioneel te gebruiken en te verbinden met kwalitatieve informatie op concreet niveau. Het ‘why’ wordt beantwoord ipv het ‘what’, waarmee het de sleutel tot goede besluitvorming is en het begin van echte ‘change’.

    Dank en groet,
    Emile Willems

  5. Beste Paul, dit raakt me. Ik kan begrijpen dat men vanuit de hoogte het leven wil bestuderen. Of men dan iets van leven leren kan? Of de hoogte in diepere lagen vorm wenst te geven?

    Ach, waren wij maar
    wat minder berekenend
    wat meer berekend
    van het feit
    hoe brekend wij zijn
    zonder algemeen welzijn

    ’t behoeft geen betoog
    de eisen zijn te hoog
    en u, wat doet u?
    Denkt u of bent u
    praktisch werkzaam
    in welzijnzorg?

    ’t kleine lieveheersbeestje
    legt de operatie plat
    de grote lieve Heer
    wordt wel eens zat
    van menig debat

    Geen woorden
    maar daden
    geven aan leven
    zaden

    Ik mocht beleven
    dat aan management
    meer geld werd gegeven
    dan aan vele medewerkers
    die waarlijk aandacht geven
    aan de problemen die
    medemensen beleven

  6. Herkenbaar verhaal. Heb zelf in de praktijk gezien hoe er inderdaad creatief omgesprongen wordt met cijfers. En hoe het “kloppend maken” of “creatief uitleggen” van de cijfers meer aandacht krijgt dan het primaire proces.

    Mijn persoonlijke variant op de bekende uitspraak is daarom. “Cijfers liegen niet, dat komt omdat ze vrijwel nooit iets zeggen”.

    De focus verleggen naar waar het echt om draait is zeker nodig. Rob haalt terecht aan dat daarvoor een omslag in denken van angst en controle naar vertrouwen en autonomie nodig is. Hoe spannend ook. Je ziet nu dat energie verloren gaat in het meespelen van het spel volgens het principe dat Robert Heinlein als volgt omschreef:

    “Of course the game is rigged. Don’t let that stop you–if you don’t play, you can’t win.”

    Hoe verleidelijk en begrijpelijk ook het kost altijd onnodig energie.

  7. Geachte professor de Blot,

    Toen ik nog voor een groot concern werkte kon je altijd merken wanneer er weer een reorganisatie en/of bezuinigingsronde aan zat te komen. Vooraf kwamen er dan namelijk altijd meer accountants in leidinggevende functies. Dat zijn mensen van de harde cijfers. Dit zie ik ook in de politiek. Komen in Griekenland en Italië niet steeds meer technocraten in de regering te zitten op dit moment? Ook dit zijn mensen van de cijfers en allemaal mensen die denken met hun hoofd. Wanneer er harde beslissingen moeten worden genomen, zoeken wij kennelijk steun in de cijfers en het zogenaamde objectieve denken. Zo hoor ik bijvoorbeeld ook nooit de mening van antropologen of geestelijken in programma’s als die van Paul en Witteman. Zij zouden heel andere redenen kunnen noemen voor bijvoorbeeld het ontstaan van de huidige crisis en ze zouden ook heel andere mogelijkheden aanreiken voor het oplossen ervan. Wat ik in het algemeen mis zijn mensen die denken met hun hart in plaats van met hun hoofd. Ze zijn er wel maar ze zitten niet op posities waar ze ook invloed kunnen uitoefenen. En wanneer ze al ooit met hun hart dachten, dan leren ze dat binnen het huidige systeem wel af en dan denk ik bijvoorbeeld aan minister Leers.

  8. Paul hartelijk dank voor het onderscheid tussen tellen en begrijpen.
    Als docent op een Hogeschool krijg ik tijd toebedeeld voor contact met mijn studenten op basis van aantallen studenten, niet op wat die groep studenten nodig heeft, laat staan het individu. Hoe kleiner het aantal studenten, hoe minder tijd er voor die groep beschikbaar is en daardoor is er minder tijd voor terugkoppeling over hun leerinspanning. Een kwestie van tellen.

    Diversiteit in aanpak en mensgericht ontwikkelen van de individuele student schuift daardoor naar de achtergrond. Als je als docent dan toch de benodigde tijd geeft, zie je dat studenten dat nodig hebben. Dankbare e-mails als je naast het cijfer, inhoudelijk feedback geeft op de inhoud zijn het gevolg. Kwali-tijd en begrijpen gaan hand in hand.

  9. Je centrale zin vind ik erg treffend. a is m.i. deze: Bij de kwantiteit gaat het om “tellen” van wat er gemeten wordt en bij kwaliteit gaat het om “het begrijpen van wat gemeten wordt”.

    Die zin wil ik gebruiken om wat door sommigen onder ‘kwaliteit’ verstaan wordt, ter discussie te stellen. Met name rijksoverheid is er goed in om cijfers als heilig uitgangspunt te nemen! Dat is armoede.

    Ik vond het niet langer verantwoord hieraan mee te werken, te deprimerend en heb mijn conclusie getrokken.

  10. Beste Paul,

    Mooi verhaal. Het gaat niet alleen bij beleidsmakers mis, maar
    in alle lagen van het management van het bedrijfsleven draait het om cijfers. De menselijke factor telt niet meer mee.
    Dat is jammer. Iedereen staart zich blind op veel geld verdienen.
    Dat zit in onze cultuur. Toen ik van school kwam en aan het werk ging, werd ik er ook mee besmet en ga je er voor. Tot iemand zegt, tot hier en niet verder.
    Gelukkig kan ik die fase in mijn leven nu achter mij laten.
    Het is natuurlijk wel zo, dat bedrijven moeten concurreren met bedrijven uit lagelonenland.

    Groet, Gerard.
    PS. Nog bedankt voor het boek.
    Dat is natuurlijk ontzettend moeilijk, omdat onze levensstandaard nu eenmaal hoger is.

  11. Bij het lezen van de column kreeg ik een klassieke aanval van ‘oorzaak en gevolg’. Worden beleidsmakers ‘gek van statistieken’ of verschuilen gekke beleidsmakers zich uit incompetentie achter cijfers.

    Aangezien het gros van de mensheid redelijk digibeet is en zeker niet begrijpt wat statistiek poogt te zeggen is het een handig middel om te voorkomen dat de mensheid begrijpt waar het om gaat. Zeggen: “het groeit met 50%” terwijl het om een stijging van 2 naar 3 gaat, klinkt veel ernstiger…

  12. Ik heb MS en als ik de neuroloog had geloofd was ik denk ik heel wat slechter afgeweest. Hij zei meteen dat ik elke 3 maanden op controle moest komen en dat het alleen maar erger werd. Ik vroeg toen of ik ook moest komen als ik niets had op dat moment en me goed voelde. Hij was verbaasd en zei: Ik wou dat al mijn patienten zo waren. Ik zei toen: dat zou zo maar kunnen want u voedt me op in het tegendeel. Statistisch gezien zou ik wel achteruit gegaan zijn wellicht, maar ik was er ook nog en vond zelfinzicht belangrijker.
    Ik ben psychologe en ben blij met de samenwerking in het verleden met Drs. Willem Hein Triemstra, eigenzinnig Pedagoog. Hij ging voor mij op de juiste manier om met testen. Ze waren niet het eindresultaat maar een aanwijzing voor een begeleidingsamogelijkheid en dat hoefde niet te maken te hebben met de eindresultaten van een test. Het kon een item zijn in een test dat daartoe aanleiding gaf. Hij schreef dan een rapport dat een spiegel werd voor de client en de start voor de begeleiding waar iedereen mee verder kon. Ik haalde opgelucht adem, zo kon het dus ook en dat voelde goed voor mij. Niet de resultaten maar de mens daarachter was van belang. Testen zijn geen absoluutheid, maar hooguit een aanwijzing voor nu, voor wat er gedaan kan worden. Ze zijn relatief voor mij.

  13. Beste Paul,

    Het boek waar je in je artikel over spreekt is het boek “How to lie with statistics” van Darrel Huff, met illustraties van Irving Geis. Het boek is in 1954 voor het eerst uitgegeven en volgens mij later nog wel eens in een gereviseerde versie uitgegeven.

    En vergeet niet: “The average human has one breast and one testicle.”

    Groet, Gijs

  14. Beste Paul,
    Ik kan je verhaal alleen maar onderschrijven. En het raakt ook iets anders. Als we voor het gemak de verdeling opdrachtgever (bv overheid) en opdrachtnemer (veld) maken wordt door de overheid veelal gestuurd op cijfers, statistieken. Om het wat te verzachten wordt het woord prestatieindicatoren gebruikt, maar dan nog gaat het om kwantiteit. In het veld is dat lastig omdat financien afhangen van het halen van de aantallen. Dodelijk voor leren, creativiteit en innovatie. Aan de andere kant is het een gegeven dat als met gemeenschapsgeld wordt gewerkt verantwoording aan de orde is, dat hoort bij onze democratie waarin we de overheid moeten kunnen controleren.
    De echte kennis over ontwikeling, waar jij ook op doelt, zit bij het veld en opdrachtnemers moeten opdrachtgevers helpen om (te leren) kwalitatief te meten. . Mijn voorstel zou zijn om de energie die het veld veelal gebruikt aan weerstand tegen de kwantitatieve metingen te gaan in te zetten voor een partnership met opdrachtgevers. Even los van het feit ik de termen partnership en opdrachtgever van ongelijke orde vind. In deze zakelijheid wordt nu eenmaal in opdrachtgeverschap gedacht, waar partnership wordt beoogd. Wat moet worden ontwikkeld zijn instrumenten die de relatie tussen inzet en ontwikkelingen in het sociale domein (welzijn, integratie enz) zichtbaar maken. Eenvoudig gezegd, Wat is het maatschappelijk effect van bepaalde inzet en hoe meten we dat?
    Bestuurders en ambtelijke diensten hebben eerder de neiging kwantitatieve resultaten te bedenken waarvan ze verwachten dat de goedkeuring van de Raad binnen te halen. Dat is een angstgedreven beweging, behorend bij oude tijden. We moeten een stap vooruit, maar dat doe je wel samen.
    met vriendelijke groet,
    Rob

  15. Als statistieken zo sterk onze politiek beïnvloeden, dan hou ik mijn hart vast. Sowieso lijkt het erop dat we in de politiek steeds meer te maken hebben met mensen die uitsluitend in hun eigen straatje kunnen denken. Grote, objectieve denkers, die oplossingen aandragen op de langere termijn, voor het goede van de mens, lopen er in Den Haag niet veel meer rond.
    Laat staan dat ze in staat zijn om wiskundige berekeningen te vertalen naar juiste beslissingen voor onze maatschappij.
    Mijn vertrouwen in de politiek is helaas tot een 3 gedaald, om toch maar met een cijfer te eindigen hier.

"Wat is uw reactie op mijn artikel? Mede namens de andere lezers bedankt voor het toevoegen van uw bijdrage. Laat een reactie achter voor mij, of reageer op elkaar. Het zou mij een plezier doen. Bedankt aan alle lezers die mijn weblog verrijken met een reactie." - Paul de Blot

NB: Uw emailadres wordt nooit gepubliceerd. Reacties met meer dan één link worden eerst gecontroleerd. Link alleen naar relevante websites. Gebruik uw reactie niet voor commercie.


77 + = 78