Duurzaamheid gedragen door jonge mensen

15

De ouderen onder ons kunnen zich de naoorlogse crisis nog herinneren. Nederland lag in puin en alles moest opnieuw worden opgebouwd.  Het waren vooral de jonge mensen die de energie opbrachten om geld te maken en iets groots op te bouwen. Deze generatie van vernieuwers is oud geworden en hun energiekracht is verzwakt. Ze beschikken wel over een rijke ervaring, maar de wereld verandert zo snel dat ze het niet meer kunnen bijhouden. Het zijn de jongeren, die door hun jeugdige energie in staat zijn verre reizen te maken en meer vertrouwd zijn met de technologische ontwikkelingen. Zij weten de crisis te overleven maar ze krijgen helaas vaak niet genoeg kansen.

Door de bezuinigingen hebben jongeren weinig uitzicht op een geschikte baan. Ook sociaal bewogen karakters die zich geroepen voelen voor de zorg of het onderwijs krijgen vaak geen kans, of worden mentaal en financieel onvoldoende gewaardeerd. Ze zoeken dan vaak hun toevlucht in het bedrijfsleven of vervallen in een uitzichtloze werkloosheid. Het zijn de jongeren, die ondanks hun rijkdom aan idealisme en levensenergie, in deze crisis eerder hun baan kwijt zijn door gebrek aan ervaring en scholing.

De ouderen beschikken over betere scholing en meer ervaring, maar missen de energie van de jongeren om duurzaamheid te garanderen. Deze ouderen zoeken vanuit hun ervaring meer   het behoud van de succesvolle formules. Door de snelle ontwikkeling en de onbeheersbare schaalvergroting staan deze formules vaak niet langer meer garant voor succes. Dat zien we in het bankwezen, in bureaucratische instituten zoals woningbouwcorporaties en in talrijke grootschalige ondernemingen. Jonge mensen voelen zich niet meer thuis in deze strakke structuren, waar te weinig ruimte is voor creativiteit, menselijkheid en flexibiliteit.

Een evenwichtiger beleid volgens het Chinese Yang Yin model, waar tegenstellingen elkaar kunnen verrijken en aanvullen, biedt meer kansen. Om duurzaamheid te garanderen is het nodig meer in jongeren te investeren. Door hen meer ruimte te geven om aan hun idealen te werken. De gebureaucratiseerde ouderen moeten meer inleveren om de kleinschalige netwerken van jongeren meer kansen te geven.


Paul de Blot SJHartelijke groet,

Paul de Blot
Hoogleraar Business Spiritualiteit
Nyenrode Business Universiteit

15 REACTIES

  1. Goedendag meneer De Blot,

    Ik heb diverse nieuwsbrieven van u gelezen en een presentatie op het internet gezien. Heel boeiend en naar mijn gevoel met een spiritueel en Aziatisch tintje. Als we allemaal een beetje van uw kennis en ervaring gebruik zouden maken dan zag de wereld er iets vriendelijker uit.
    Een echte filosoof ben ik niet maar vaak zetten uw stukjes me aan het denken en helaas blijft het vaak bij het denken. Ook ik ben een gevangene van mijn eigen levenswijze.

    Op de doordeweekse dagen ben ik actief in de projectenwereld en het maakt me niet uit welk soort project ik onder handen neem. Soms is het een booreiland, soms een tunnel of een basculebrug. Momenteel lijken die projecten op elkaar en het heeft er alle schijn van dat de verveling heeft toegeslagen. Het zal wel komen door een langdurige, 35-jarige, ervaring in de engineering en realisatie van die klusjes. Er is een opleving als er botsingen ontstaan met de klant of als de haalbaarheid een grapje wordt. Kortom als het project een chaos is dan voel ik me er gewoon heel erg thuis en … in het land der blinden is éénoog koning. Dus ik zoek zelf naar de werken waar het heerlijk stormt.

    Als ik een stukje uit uw betoog mag vissen met betrekking tot de ouderen onder ons om er een beetje commentaar op los laten? Hopelijk haal ik dan alles niet uit het verband. Misschien doelt u op de oudere ouderen? Ik ben 59 jaar, dus een jongere oudere als ik het zo mag stellen.
    Vorig jaar heb ik naast een 40 tot 50-urige werkweek ook nog eens meegewerkt aan een groot(s) elf dagen durend evenement in Dordrecht. Een evenement waarbij u (naar ik meen) in de commissie van aanbeveling zat: INDOrdt Fair. Al met al kostte dit evenement mij ruim 60 uur in de week gedurende vele maanden. Er ging dus veel brein- en emotionele energie in zitten, voldoende om in een groot huishouden een jaar lang de kachel te laten branden.

    Wat mij opvalt is dat de ouderen (ook de hoogbejaarden) een ijzeren gestel hebben, zowel mentaal alsook fysiek. Natuurlijk hebben zij de nodige narigheid meegemaakt en hun verhalen zijn met geen breekijzer uit de mond te halen. Opvoeding zal ook een bijzonder grote rol hebben gespeeld. Om met Pim Fortuin te spreken: ‘het was toch vader die de scepter zwaaide’. Bij vele van deze ouderen zie ik nog steeds veel kracht en enthousiasme, maar ook bitterheid en onvrede … soms heel intens. Als ik naar u kijk en luister dan brandt bij u het vuur nog steeds. Wat mij ook heel sterk opvalt is dat de oudere Indisch Nederlander gewoon voortgaat en soms vergeet dat de leeftijd van 35 jaren reeds lang gepasseerd is, met uiteraard de nodige gevolgen van dien in de vorm van botbreuken tot een tia … en ja, het vuur brandt nog steeds.

    De wat jongere ouderen hebben het een en ander van hun ouders meegekregen en velen hebben lang met frustraties rondgelopen. Erfenis uit de bloedige jaren ’40-’50. Nadien ontstond een periode waarbij wereldwijd alle heilige huisjes omver werden geschopt. Op een bepaald moment leek het erop dat de idealen echt verwezenlijkt konden worden en een groot aantal van die toenmalige jongeren liepen letterlijk met hun hoofd in de (hasj)wolken. Inmiddels zijn vele van die groep ingedut en wachten hun pensioentje af. Daarnaast springen een groot aantal nog rond in de wei, maken muziek, schilderen, organiseren evenementjes en werken met een minimum aan ziekteverzuim.

    Och, ik noem het maar “Child is father to the man”. Dat zegt naar mijn idee toch genoeg. Dat moeilijke verleden heeft de oudere mens sterk gemaakt.

    Naar mijn gevoel hebben juist die levenslustige ouderen een behoorlijk grote meerwaarde. Als kennisdragers (vooral verworven door ervaring) kunnen zij een coachfunctie bekleden en de jongeren naar hun eigen succes leiden. De oudere vormt toch een soort rem op de vooruit stormende jongere. Ik begrijp wel dat niet iedereen een goede coach kan zijn. Het is net als leiderschap … het zit toch in jezelf. Maar ik weet zeker dat er genoeg ouderen zijn die de jongeren op een goede manier kunnen boetseren en hun enthousiasme richting kunnen geven. Bijvoorbeeld snuffelstages en korte trainee perioden maken hen nieuwsgierig en creëren bij hen een nog groter sponseffect. Gevolg kan zijn dat die jongere bij de buurman in het tuintje gaat kijken omdat die groener oogt. Foutje van de coach.

    Ik ben het met u eens dat de huidige schaalvergroting onbeheersbaar is geworden. Maar ik denk toch dat binnen die schaalvergroting ruimten ontstaan voor kleinschaligheid; vergelijkbaar met de intermoleculaire ruimten, zolang het passend is binnen het organisme. Dus toch weer een natuurwet.

    Het is niet juist dat de jongeren een minder goede scholing hebben, het is anders en het lijkt erop dat de scholing minder goed is omdat als referentie de ‘eigen’ scholing gebruikt wordt. Echter ik begrijp wel de gedachte achter de stelling maar zal er niet verder over uitweiden.

    Ik hoop dat u begrijpt wat ik met dit lange epistel bedoel. De ouderen zijn zo verschrikkelijk belangrijk voor ons bestel. Misschien is de fysieke en mentale energie wat mindere dan bij de jongere, echter zodra het enthousiasme er nog is kunnen de bergen nog steeds verzet worden … samen met de jongere.

    Met vriendelijke groeten,
    Paul.

  2. Beste Mariette,je schrijft – ik heb het idee dat 50+’ ers vooral bezig zijn met het behouden van hun situatie en materiële zekerheid. En dat is niet zo gek, gezien hun levensloop.

    Bovenstaand heb nu juist proberen uit te leggen. Je idee is echt niet juist. Generatie x (geboren tussen 1955 – 1970, ook wordt 1961 – 1981 wel gehanteerd) heeft meer dan tien jaar onderaan gebungeld. Ze noemen ons niet voor niks – de verloren generatie. Uiteindelijk, door aan te houden, alle baantjes te accepteren die maar voorhanden waren is het een groot deel gelukt om nog iets fatsoenlijks van hun werkzaam leven te maken. Reken maar uit, als je een kwart van je werkzaam leven niks hebt opgebouwd dan is dit nauwelijks meer te repareren. Dus niet zo gek dat veertigers en vijftigers bevreesd zijn om hun baan te verliezen. Jarenlang zijn we door de banken in dikke hypotheken gepraat. Op straat komen te staan ten gunste van jongeren die eerst fijn wereldreizen hebben gemaakt omdat ze nog niet aan het echte leven wilden beginnen, is voor ons een ramp. Dat betekent gewoon je failliet, want niemand neemt je na je veertigste nog aan. Veel vrienden van mij (met schoolgaande en inmiddels studerende kinderen) raken hun werk kwijt. Al deze mensen zitten in de problemen. Ze zorgen voor hun kinderen en voor hun inmiddels bejaarde ouders. En hebben schulden (niet omdat daarvan wereldreizen zijn gemaakt). Voor degenen die nog wel een baan hebben dreigte het volgende: versoepelen van het ontslagrecht, loslaten van het principe last in first out, demotie, mogelijke invoer 40-urige werkweek, verhoging AOW-leeftijd, straks meebetalen aan AOW. De opmerking vijftigers willen behouden wat ze hebben, is mij te kort door de bocht. Ik heb besloten als het mij overkomt en ik raak mijn werk kwijt, dan pak ik mijn koffer en vertrek uit Nederland. Op Bali, of een ander fijn Aziatisch eiland deel ik wat ik heb met de gemeenschap en kan ik met weinig toe. Nederland is een te duur land geworden om geen inkomsten te hebben. Nog een keer jarenlang emmeren om een baantje. Ik zou het geen tweede keer kunnen opbrengen.

  3. Beste Paul de Blot, beste mensen die mooie reacties hebben gegeven op het blog.

    Dat zich hier een mooie dialoog ontvouwt, laat zien hoe het onderwerp ons aan het hart ligt. En het gaat natuurlijk niet alleen om de jongeren maar om de verbinding in onze samenleving in deze uitdagende tijden. We zitten midden in een nieuw tijdperk en het zal anders moeten als we de toekomst van mens en planeet veilig willen stellen voor onze komende generaties.
    Hoe krijgen we alle lagen in de samen-leving zover dat we het als gedeelde verantwoordelijkheid zien en richting kunnen geven aan onze gezamenlijke toekomst en te beginnen met het vaststellen van de stip aan de Nederlandse toekomsthorizon?
    Hiervoor stellen wij de denk&doe – tank Agenda voor Nederland graag ter beschikking.

    Hartelijke groet,

    Sharmila Angoelal

  4. Hallo Paul,

    Op dit moment ben ik op reis in Zuid Afrika, samen met een grandmother van een native american tribe. Zij geeft workshops in community building en cocreatie. We bezoeken traditionele dorpen om van elkaar te leren en delen de leringen met mensen in de ‘moderne maatschappij’ die behoefte hebben aan een duurzame ontwikkeling voor de komende generaties. Hoe doen we dat, in een gemeenschap samenwerken naar een houdbare toekomst voor iedereen? We zoeken het antwoord o.a. in oude tradities die al vele duizenden jaren voortbestaan.

    Mijn persoonlijke ervaringen reflecteren veel van wat je schrijft. Iedereen wordt door de crisis gedwongen om in te zien dat zekerheid niet bestaat. Zowel jong als oud. Alle generaties moeten zekerheden opgeven. Ik heb zelf het voorgeschreven pad dat leidt naar financiële en materiële zekerheid verlaten om mijn hart en idealisme te volgen. Om mijn innerlijk bewustzijn te laten groeien en om dat te delen met anderen. Dat is geen gemakkelijke weg en het vergt heel wat om bepaalde zaken en opvattingen los te laten om nieuwe dingen te leren.

    We hebben elkaar (jong, oud, man, vrouw, zwart, wit, rijk, arm) juist zo hard nodig in deze wereld. Als jongeling reis ik met 4 ‘ouderen’ (60+). We leren van elkaar, iedereen is leraar én leerling, ik ben dankbaar voor de begeleiding op mijn groeipad en zij zijn dankbaar voor mijn heldere en bewuste blik. We vullen elkaar aan. Tijdens de workshops zie ik allerlei generaties, maar vooral jongeren en gepensioneerden. Naar mijn idee voelen zij vooral de vrijheid om verder te denken. Misschien omdat zij nog geen zorgen of geen zorgen meer hebben. Ik heb het idee dat 50+’ ers vooral bezig zijn met het behouden van hun situatie en materiële zekerheid. En dat is niet zo gek, gezien hun levensloop. Maar van wie leren wij jongeren dan te leven met onzekerheid, wie leert de jongere hoe het is om op jezelf te vertrouwen en om te gaan met de struggles in het leven? In Nederland hebben de jongeren het goed gehad, zeker weten, dat realiseer ik me hier in Zuid Afrika meer dan ooit, maar door de crisis en het instorten van systemen krijgen wij ook tegenslagen en moeilijkheden. Wie is dan onze mentor? Oude systemen werken niet meer, dus die hoeven we niet te leren. Levenservaring is het toverwoord. En hoe krijg je dat als geen ‘volwassene’ je een kans geeft? Hoe krijg je dat als je niet mag falen en jezelf direct moet bewijzen?

    Wat dat betreft kunnen we veel leren van traditionele stammen, waarin er een natuurlijke balans is tussen jong en oud, een uitwisseling van kwaliteiten en kennis. Waarin jongeren worden begeleid in de levenslessen en ouderen beroep doen op jongeren en hun levensenergie om hen te ondersteunen. Deze samenwerking is hard nodig, zeker in onze moderne samenleving. Want we moeten het inderdaad SAMEN doen, alleen is geen optie meer. En zekerheid een illusie.

    Jong en oud, allen hebben we wijsheid in ons. Laten we die wijsheid combineren, van elkaar leren en samen een nieuwe wereld cocreëren.

    Namaste!

    Mariëtte

  5. Beste Paul,

    Je benadering is te eenzijdig, net als één van mijn voorgangers ook al schrijft. Is het werkelijk zo dat de jeugdigen “hoger opgeleid zijn” ? Ik merk er weinig van. We leven in een cognitieve wereld waarin weten belangrijker is dan begrijpen. Daar waar bij begrijpen een stuk ervaring noodzakelijk is voor de emotionele laging van het geleerde om deze op pragmatische wijze in praktijk te kunnen brengen. Daarnaast er sprake van een enorme desintegratie van werk naast de kwantitatieve afname ervan. Met afname bedoel ik dat wat overblijft meer op simpele bezigheden lijkt dan een respectabele hoogwaardige baan.

    Dit laatste is tevens inherent aan de desintegratie. Mechanisering, automatisering, informatisering en tenslotte digitalisering doet werkelijk werk teniet, de ontwikkeling ervan is straks nog weggelegd voor enkele slimme vogels. De berichten laten het zien ; veelvuldige werkloosheid zowel in Amerika als ook in Europa onder schoolverlaters en zij die rond de aanvang van de crisis afgestudeerd zijn. Tel daarbij op alle 40-plussers – ook dat zijn jonge lui – en we gaan naar een tittonomie toe, daar we met zijn allen lanterfanterend door het leven gaan en ons zelf en elkaar een beetje stompzinnig bezighouden met wat ?

    Dat is de realiteit die er de komende jaren gaat aankomen. Deze realiteit is met de huidige financiële structuren niet op te vangen, dat vraagt echte innovatie, helaas kunnen we dat niet uit Den Haag verwachten.

    De werkelijke innovatie ligt in individuele bewustwording. Da’s maar aan weinigen gegeven.

    Hartelijke groet, Wil’fred

  6. Geachte heer de Blot, beste Paul, allereerst hartelijk dank voor uw blog. Ik laat het werk meestal uit mijn handen vallen, om uw blog te lezen. vandaag ben ik het alleen niet met u eens. Niet alleen ouderen herinneren zich nog de naoorlogse situatie, ook de generatie x heeft daar een staartje van meegekregen. Persoonlijk. Er werd niet veel over gesproken, maar het feit dat mijn moeder en haar familie is uitgehongerd in een jappenkamp was altijd in de opvoeding op de achtergrond aanwezig. Ook leeftijdgenoten kennen de verhalen. Wij, de generatie x hadden alleen geluk. De oorlog lag flink achter ons, we profiteerden van de alom stijgende welvaart. Tot ergens in de jaren tachtig. De generatie x was netjes afgestudeerd en nergens was een baan te krijgen. Het was jarenlang misere op de arbeidsmarkt. De verschillen met nu zijn, de huidige student of net afgestudeerden zijn vele malen rijker dan wij toen en het aantal werkelozen indertijd was vele malen hoger. De huifdige generatie afgestudeerden hebben nul tegenslag gehad en hebben alleen maar geleefd in een tijd dat de bomen tot in de hemel groeien.

    Ik probeer een beeld te schetsen van de huidige generatie x die nog steeds de misere op de arbeidsmarkt van de jaren tachtig, tot halverwege de jaren negentig financieel moet repareren. Meer dan tien jaar alleen maar kleine baantjes en sommigen helemaal geen baan, heeft voor ieder persoonlijk verstrekkende gevolgen. Iemand schrijft over demotie (idee van D66) . Als daarvan sprake wordt dan heeft de generatie x last gehad van de crisis in de jaren 80, vervolgens de HOS-nota, invoering middelloon, o ja en dan ook nog werken tot 67. Vijftigers dreigen de grote verliezers te worden op de huidige arbeidsmarkt en in de huidige crisis, niet de jongeren.
    Toevallig weet ik iets van het middelbaar onderwijs. Daarvan weet ik dat het beeld zoals u dat van jongeren schetst niet klopt. Jongeren worden helemaal niet geweerd. Het is andersom, vanwege de bezuinigingen aan overheidszijde zijn er ook enorme bezuinigingen gaande op scholen. De huidige bezuinigingen worden grotendeels op personeelskosten verhaald, immers dat is de grote kostenpost. Klassen worden standaard volgestouwd met 32 leerlingen, programma-aanbod wordt versoberd (12 leerlingen die Latijn volgen is te kostbaar). En er wordt aan leeftijddiscriminatie gedaan. Jongeren nemen massaal de plek in van vertrekkende babyboomers. Het is de tussengeneratie die de klappen vangt. En ik ben zeer beducht voor het versoepelen van het ontslagrecht. Ook al beweren politieke partijen dat er aandacht zal zijn voor vijftigers (in geen enkel partijprogramma staat daarover iets uitgewerkt), wij de generatie x wordt opgeofferd in deze crisis. Dat is wat ik voorspel. We zitten inmiddels in onze eindschalen en zijn veel te duur. Het is veel goedkoper om jonge arbeidskrachten binnen te halen.
    Normaal ben ik niet zo somber en negatief. Bovenstaand is voor mij een doemscenario dat zich gaat voltrekken komende paar jaar. Alle signalen staan voor mij op rood. Dus aandacht voor jongeren natuurlijk. Ik zou wensen dat u reageert op bovenstaand. Hoe moet het met de (begin) vijftigers van nu? Alleen de partij 50 plus schijnt daarom te zijn opgericht. Ik herken me totaal niet in die partij.

    Oplossing?

  7. Beste Paul,Kunnen we niet iets bedenken om jongelui als zelfstandige te gaan optreden. Een organisatie zou een bonte varieteit van suggesties kunnen maken. Iedere jongeman kan dan kiezen wat hem uitkomt. Als er geld bij komt kijken, zou ik een beroep doen op de geldpotten van de overheid.
    Wie gaat deze mogelijkheden inventariseren? Wedstrijd uitschrijven
    Want …. mensen zijn zo inventief11 En er moet nog veel uitgevonden worden!!
    Hans

  8. Beste meneer De Bot,

    Een mooie titel ‘duurzaamheid gedragen door jonge mensen’. Een titel van hoop, verwachting en een nieuw bewustzijn. Duurzaamheid wordt vaak buiten onszelf geplaatst: het milieu, onze omgeving, de ander. Maar duurzaamheid begint bij onszelf, in het klein, in onze houding ten opzichte van de ander. Juist in de verbinding met elkaar kunnen we tot geweldige nieuwe resultaten komen, jong en oud, man en vrouw, etc. Het opnieuw leren hoe we met elkaar verbonden zijn, is een nieuw bewustzijn over onszelf. Er valt hier nog zoveel in te ontdekken en te leren, onderwijs is cruciaal. Bedankt voor u waardevolle bijdrage hierin.

    Hartelijke groet,
    Robert

  9. Hallo Paul,

    Het is inderdaad mooi om de mens als een soort eigen ecosysteem af te schilderen waarin de beheerste ervaring van ouderen en het onbesuiste idealisme van de jongeren elkaar verrijken. Zeker als de morele en materiële maatschappij is platgebombardeerd door een oorlog is er ruimte genoeg om jong en oud samen te laten werken in de wederopbouw van een gemeenschap, gebaseerd op nieuwe idealen.

    In de huidige tijd heeft zowel jong als oud moeite om idealisme op te brengen omdat de maatschappij is volgemetseld met geldgedreven structuren en oude zekerheden die tot hebzucht zijn verheven. Men kan oorlog ter discussie stellen door het leed dat er geleden is en idealen ontwikkelen om een oorlog te voorkomen door allerlei maatregelen. Maar geldelijke rijkdom ter discussie stellen door al dat het kapot maakt en het mogelijke leed dat er komen gaat door het gemis ervan, is een heel ander verhaal. Veel jongeren zien dat de omgeving kapot gemaakt wordt en vinden idealen om er wat aan te doen maar zijn niet meteen bereid om de luxe op te geven van het klatergoud dat ons omringt.

    Ook worden zij nog steeds opgeleid om zich afhankelijk op te stellen ten opzichte van het kunstmatige systeem, niet het nemen van zelfstandige verantwoordelijkheden. Daarom denk ik dat helaas de oogopenende chaos niet te voorkomen is en uiteindelijk wederom jong én oud samen gaan werken aan de nieuwe, post-industriele en post-economische maatschappij, door oorlog te voeren met de eigen innerlijke hebzucht die men moet leren overwinnen en die van buitenaf nog wordt opgelegd.

    Het yin-yang is dan niet alleen oud/jong waarin de nieuwe balans gezocht wordt maar het bewust zijn/onbewust handelen, de natuur/de mens, gefragmenteerd/het geheel, enz. Het gaat er dan niet om wie de ruimte krijgt maar wie de ruimte opeist vanuit spirituele bewustwording en dan maakt de leeftijd niet uit, wel de verantwoordelijkheid die men neemt en de ondersteuning die men krijgt. Als dan idealisme de vrije hand krijgt met het pragmatisme van de ervaring dan ontstaat de beoogde vernieuwing waarin verduurzaming de hoofdrol krijgt. Dan heeft men echter al het verleden losgelaten en zich innerlijk vrijgemaakt om de toekomst vorm te geven, net alsof er een oorlog doorheen heeft gewoed, niet buiten op straat maar binnen in het bewustzijn.

    Dan is ineens iedereen jong, ongeacht leeftijd, net als jij.

    Hartelijke groet,

    Jean-Paul

  10. Beste Paul, het is duidelijk dat jongeren meer kansen moeten krijgen. misschien is het logisch om het salaris van ouderen, dat in hun arbeidsjaren is opgebouwd, na een bepaalde leeftijd ook weer af te bouwen. ten slotte zal de oudere minder salaris nodig hebben en kan dat geld worden gebruikt om jongeren aan het werk te houden en hun opleidingen te financieren.

    Groeten John

  11. We zouden af moeten van het denken in leeftijdscategorieen. Er zijn genoeg mensen, zoals uzelf, die ondanks een hoge leeftijd nog buitengewoon flexibel van geest zijn. Het lichaam mag eventueel oud en verzwakt zijn, maar de geest staat daar naar mijn idee grotendeels los van.

    Iedereen kan altijd leren van elkaar, zolang je daar maar voor open staat. Het algemene idee dat er altijd ruimte voor verbetering is, draagt er per definitie al aan bij dat mensen anders en dynamischer naar cultuur, organisatie, processen en systemen kijken.

    Bestaande structuren en handelwijzen laten zich echter niet altijd eenvoudig wijzigen. Zeker in tijden van economische onrust zie je dat mensen op zoek zijn naar zekerheden en zij die op dit moment stevig in het zadel zitten willen daar bij voorkeur ook graag blijven zitten met als gevolg dat de deur voor nieuwkomers vaak gesloten blijft. Het doorbreken van dit patroon is de uitdaging.

    Het vereist o.a. een meer transparante, integrale en holistische kijk op ondernemen. Laat je niet drijven door angst, maar door kansen en mogelijkheden. Kijk zo af en toe naar wat (nog) werkt en wat niet werkt en handel daarnaar. Samen sta je sterker….een oude waarheid, die nog steeds van kracht is (misschien wel meer dan ooit).

    Met vriendelijke groet,

    Marcel Wiedenbrugge
    www. wcmconsult. com

  12. Beste Paul,

    Dank voor deze geweldige boodschap. Ik ben het er volledig mee eens. Er zijn tal van veelbelovende jonge mensen die de verandering waaraan velen naar snakken vorm kunnen geven. Maar we moeten ze wèl de kans daartoe geven.

    Het is niet voor niets dat we in onze eigen bedrijfsstrategie hebben opgenomen dat we bovengemiddelde kansen willen geven aan de jongeren, om onze nieuwe onderneming FLOOW2 vorm te geven. En we geven daarbij zelf ook het voorbeeld helemaal bovenaan in het bedrijf, met een CFO van 23 jaar, piepjong maar briljant, zie http://www.floow2.com/initiatiefnemers.html

    Jazeker, kennis en ervaring van oudere generaties zijn onmisbaar. Zij dienen de jongere generaties met hun leercurves te faciliteren, voor de jongeren om de Nieuwe Wereld vervolgens vorm te geven: want zij zijn het die de toekomst zijn, zij hoeven niets te ontleren, en zij hebben geen belang bij de instandhouding van de obsoleet geraakte bestaande businessmodellen.

    Met hartelijke groet,

    Will

  13. Dag Paul,

    Voor een goede discussie, moet de kern van het betoog niet zijn de afbraak van verworvenheden voor ouderen, maar veelmeer het faciliteren van het ‘ruimte’maken.

    Wat vroeger mogelijk bleek en goed werkte blijkt nu plots vergeten.
    Ouderen werden in de gelegenheid gesteld om eerder uit het arbeidsproces te stappen en op die manier werd ruimte geschapen om jongeren te laten instromen.

    Doorwerken voor ouderen en ruimte maken voor jongeren kan niet samen.

    Ouderen zijn best bereid om concessies te doen, maar zijn het beu om als ‘kostenpost’ beschouwd te worden.

    Echte duurzaamheid zit juist in verdraagzaamheid en het faciliteren voor jong en oud.

    Partijpolitiek zou zich hier op kunnen richten .

    Groet,
    Paul JM Elsen

  14. Beste meneer De Blot,

    Ouderen en jongeren kunnen inderdaad veel van elkaar leren en ze zouden misschien nog meer kunnen samenwerken. Met elkaar kunnen ze veel betekenen.

    Hartelijke groet,

    Anoeska

"Wat is uw reactie op mijn artikel? Mede namens de andere lezers bedankt voor het toevoegen van uw bijdrage. Laat een reactie achter voor mij, of reageer op elkaar. Het zou mij een plezier doen. Bedankt aan alle lezers die mijn weblog verrijken met een reactie." - Paul de Blot

NB: Uw emailadres wordt nooit gepubliceerd. Reacties met meer dan één link worden eerst gecontroleerd. Link alleen naar relevante websites. Gebruik uw reactie niet voor commercie.


+ 52 = 56