We willen altijd groeien

15

Tegenwoordig is grootschaligheid een ideaal, maar we zien ook hoe de meeste pogingen in deze richting falen. Gelukkig komt er een kentering.

Elk levend wezen groeit en streeft naar grootschaligheid. Dat zien we in de natuur in haar streven naar duurzaamheid. Alle levende wezens planten zich voort en streven naar samenhang met soortgenoten en andere wezens om te blijven voortbestaan. Een plant of dier dat zich niet aanpast aan de omgeving gaat dood. In dit groeiproces en streven naar duurzaamheid ontstaat er een allesomvattend geheel, het holistisch ecosysteem van onze wereld. De mens hoort hier ook bij en streeft op zijn eigen manier eveneens naar deze grootschaligheid. Dat streven is op verschillende terreinen duidelijk merkbaar. Kleine landen willen groter worden, kleine organisaties gaan  grootschalig opereren, kleine scholen en ziekenhuizen blijven groeien. Grootschaligheid is een betere garantie voor duurzaamheid. Het is goedkoper en het belooft hogere kwaliteit.

De realiteit blijkt echter vaak zeer teleurstellend. Fusies mislukken nogal eens en grootschalige organisaties zijn meestal moeilijk te beheersen. Grootschalige zorg wordt onbetaalbaar en grootschalig onderwijs verliest aan kwaliteit. De grootschaligheid van het bankwezen wordt een bron van corrupte praktijken, grootschalig bestuur verhardt tot een bureaucratische dictatuur. Grootschalige computersystemen blijken storingsgevoelig te zijn. Het lijkt alsof grootschaligheid een mislukking is.

De grootschaligheid als zodanig is geen mislukking want de natuur streeft er ook naar. Ze maakt daarbij gebruik van een kleinschalig stuurmechanisme vanuit de innerlijke kracht. Alle planten en dieren moeten zich aanpassen aan de omgeving en aan de andere levende wezens om te kunnen overleven. Dat vraagt om een sterke externe organisatie, een grootschalig netwerk van een symbiotische samenwerking. Dat is het ecosysteem van de natuur, grootschalig, alles omvattend.

Een belangrijk vereiste om dit grootschalige netwerk in stand te houden is dat elk individu sterk genoeg is om niet onder te gaan in de omstrengeling met andere wezens. Elk individu moet over een sterke innerlijke kracht beschikken om zich staande te houden. Dit is een kleinschalig proces van een sterke interne organisatie. Deze kleinschalige krachten zijn noodzakelijk om het evenwicht te bewaren bij de grootschalige processen. Een wezen dat innerlijk te zwak is om de grootschalige krachten het hoofd te bieden gaat ten onder. Moederdieren doden hun jongen die niet in staat zijn om te overleven. Planten krijgen talrijke zaadjes maar alleen de sterkste blijven leven. Het grootschalige ecologische systeem wordt in stand gehouden door twee oerkrachten: de één is gericht op de externe samenhang door grootschaligheid, de ander op de interne samenhang door kleinschaligheid. Verzwakking van één van de twee componenten betekent ondergang.

Onze samenleving zal in het streven naar grootschaligheid niet slagen zonder de werking van kleinschalige individuele krachten. De innerlijke krachten van een gezin raken verzwakt door de grootschalige inspanningen en één op de vijf gezinnen lijdt daaronder. Daarmee verzwakt ook de innerlijke energiebron van het kind. Een kind begint kleinschalig met groeien en ontwikkelen, met zich verwonderen en spelen, met vallen en opstaan, met huilen en lachen. Zo leert elk kind op zijn eigen manier met het leven om te gaan. Dat is een kleinschalig gebeuren in de ruimte van het gezin, van kleine klassen, waar persoonlijke relaties nog kunnen aarden. Helaas wordt het kind tegenwoordig te vroeg blootgesteld aan de grootschaligheid van verstandelijke kennis. De Cito-toets is een relevant voorbeeld. Verstandelijke kennis en grootschalige aanpak zijn zeker nodig, maar alleen als het rust op een sterk innerlijk fundament van kleinschaligheid, van verantwoordelijkheid, vriendschap en vreugde. Grootschaligheid is onhaalbaar zonder kleinschaligheid van de interne organisatie.

Paul de Blot SJHartelijke groet,

Paul de Blot
Hoogleraar Business Spiritualiteit
Nyenrode Business Universiteit

15 REACTIES

  1. Mooi hoe je het grote met het kleine verbindt. Een grote organisatie heeft dus sterke individuele medewerkers nodig om gezond te kunnen voortbestaan. De moeite waard om dat te blijven communiceren, niet alleen door jou, maar door ons allemaal in onze omgeving.

  2. Dank Paul voor een wederom inspirerende blog. Hij inspireert me tot de volgende gedachtenlijn.

    Bij elke vorm van bewuste gerichte groei zou er als regel bewust verantwoordelijkheid moeten worden genomen voor de ontwikkeling van de kwaliteit die daarmee samenhangt. Iedere ingrijpende verandering in structuur en dus ook de omvang zal onmiskenbaar een effect hebben op de kwaliteit. Die kan zich dan logisch gezien 2 kanten op bewegen: in positieve richting en in negatieve richting. Zonder aandacht, visie en bewust gestuurde ontwikkeling is de kans groot dat de kwaliteit het kind van de rekening wordt. Tenzij er een cultuur is waarbij alle betrokkenen of in elk geval de leiders zich al sowieso sterk maken voor een positieve kwaliteitsontwikkeling. Je zou dat laatste als een vorm van zelforganisatie en -sturing kunnen zien ten opzichte van strategie, sturing en beleid vanuit de top van een organisatie. Dat vraagt dan natuurlijk wel de nodige ruimte. In wezen is dat ook de (relatieve) kleinschaligheid waar je naar verwijst. Ook dan mag de groei uiteraard die kwaliteitsontwikkeling van binnenuit/onderaf niet (teveel) in de weg staan.
    E.e.a. sluit aardig aan op het 4 R model van Paul Schnabel, waarbij de 4 R-en staan voor: richting (visie) – ruimte – rekenschap (verantwoordelijkheid) – resultaat. Die zullen in samenhang en balans moeten zijn en blijven bij (een) bewuste groei(spurt). Dat geldt voor organisaties evenzeer als voor ons persoonlijke leven. Probleem van veel groei is denk ik dat het teveel is ingegeven door een éénzijdige motivatie en focus op bepaalde resultaten. Daarbij ontbreekt vaak een bredere visie, (maatschappelijke) verantwoordelijkheid en (organische) speel/improvisatieruimte. Die visie, verantwoordelijkheid en ruimte staan vaak ook voortvarendheid in de weg omdat het de ontwikkeling complexer en minder beheersbaar lijken te maken (althans in de voorbereidings- en planningsfase). Maar uiteindelijk wordt de ontwikkeling in praktijk daarmee juist minder beheersbaar omdat men te weinig rekening heeft gehouden met alle neveneffecten en de complicerende wisselwerking met de bredere omgeving.
    In de ontwikkeling van het persoonlijke leven geldt dat bijvoorbeeld voor het te eenzijdig najagen van een carriere- en/of inkomensgroei. Als die groei niet in harmonie is met de ontwikkeling van overige aspecten in het leven, bijvoorbeeld de relatie met partner en kinderen en met vrienden en de persoonlijke emotionele, culturele en fysieke ontspanning en ontwikkeling, ontwikkelt men een eigen leefsysteem en levenssfeer, die niet in balans zijn en waarin men niet zal floreren. Dat zal ook een negatieve uitwerking hebben richting de overige leden van het familiesysteem en in het organisatiesysteem (bijvoorbeeld team) waar men deel van uitmaakt.

    Mees de Lind van Wijngaarden
    Strategisch sparring partner – gericht op duurzame samenwerking in en ontwikkeling van organisaties

  3. Hallo Paul,

    In mijn ogen (ik ben bioloog) streeft de natuur niet naar grootschaligheid. De natuur streeft wél naar overleven. In de natuur betekent dat vooral dat planten en dieren een natuurlijke drive hebben om zich voort te planten.

    Als voorbeeld: de vlinder. Het leven van een vlinder staat in het teken van een partner zoeken en eitjes afzetten. Is dat gebeurd, dan is de taak van de vlinder volbracht en kan de vlinder weer tot voedsel dienen voor andere dieren.

    Wat mij opvalt als ik naar bedrijven en organisaties kijk: die zijn bijna altijd bezig met zichzelf in stand houden. Met groeien, groter worden en voldoende geld binnenhalen om de salarissen van hun medewerkers te betalen.

    Hoe zou de wereld eruit zien als bedrijven voortplanting als groeiprincipe zouden hanteren? Dan zouden ze vooral gericht zijn op het verspreiden van hun ideeen, hun gedachtengoed. En hun missie is dan geslaagd, als het lukt om hun gedachtengoed bij zoveel mogelijk andere mensen onder te brengen. Of als er vanuit het bedrijf misschien wel tien kleine nieuwe initiatieven ontstaan, die elk op hun eigen manier, beter aangepast aan de omgeving van dat moment, verder gaan met het gedachtengoed van het bedrijf. De missie van het bedrijf is dan volbracht, het bedrijf mag ‘sterven’.

    In de natuur is alles cyclisch, doodgaan is een onderdeel van het natuurlijke proces. Ik denk dat de wereld er mooier van wordt, als bedrijven en organisaties niet blijven streven naar voortbestaan van hun organisatie, maar naar voortbestaan van hun gedachtengoed. Dan kunnen ze ook met een gerust hart ‘sterven’.

    Vriendelijke groet,
    Vivian Siebering

  4. Groei wordt pas ontwikkeling als het geen schade toebrengt aan haar omgeving c.q zichzelf, onderwijl het groeien. Wedijver in combinatie met vrije markt is de schadelijke combinatie waar we wellicht zo’n last van hebben!

    ‘Deel samen en red de wereld.’ Een prachtige fruitboom, de modus samen delen om de economie op te baseren.

  5. Verleden week was ik in Nieuwegein aanwezig op een causerie met Ricardo Semler. Hij wees er ons fijntjes op dat sommige bedrijven bewust streven naar eindeloos verder groeien, terwijl in de natuur enkel kanker zoiets doet…

  6. In mijn beleving is grootschaligheid een resultante van iets. Geen streven op zich.
    En boom groeit naar zijn vermogen en naar de omstandigheden. Hij kan samen met andere bomen een bos vormen wanneer de bomen bij die bodem, dat klimaat een voorsprong hebben of kunnen opbouwen op andere planten. Het is geen na te streven doel op zich, het is een gevolg van het groeien van individuele bomen in samenhang met elkaar en in interactie met andere planten en omstandigheden. Wanneer het de kans op groei, bloei en verjonging/voortplanting vergroot, dan is dit wat “automatisch” gebeurd, wat zich automatisch uitselecteert
    Het bos, de resultante, wordt pas een grootschalige monoculture wanneer er een dominante systeemfactor speelt. En “dwang”. B.v. de behoefte van de mens aan hout en de behoefte van de mens omdat zo goedkoop, simpel, controleerbaar en voorspelbaar mogelijk te produceren. Daarbij alle andere elementen die buiten de scope van zijn focus vallen, negerend, wegdrukkend etc. Alles wordt gereduceerd tot nummers.

    Maar is dat een natuurlijke gang van zaken?
    De geschiedenis laat zien dat het vaak het begin is van grote catastrofes. Of het nu bosbouw, landbouw, stedebouw, veeteelt of menshouderij betreft.
    Bedrijven, staten en elke hierarchie eigenlijk, zijn in mijn ogen dan ook arbitrair, volstrekt onnatuurlijk, en altijd gedoemd ten onder te gaan. De natuur laat zich hooguit tijdelijk en altijd slechts met veel inspanning tegenhouden.

    Ik deel dus het luisteren naar kleinschaligheid, de interne stem, het zelfbestuur, de soevereiniteit.
    Elke cel in mijn lichaam doet zijn ding in interactie met zijn omgeving. Daar mag ik op vertrouwen. Zodra ik meen dat te moeten sturen/beinvloeden – anders dan door voeding en beweging – mag ik mijn borst nat maken. Er zullen dingen gebeuren en op een schaal, die ik niet heb voorzien en bovendien vaak ongewenst.

    Zie in de “maatschappij”, de verspilling, de over- en onderproductie, de massale migraties, de werkloosheid, het massaal tekort en het massaal te veel van iets. De harmonie die een resultante is van kleinschalige interactie ontbreekt ten ene male.

  7. Beste Paul en anderen,
    groeien met oog en hart voor het grote (bedrijf) en het kleine (mens) verhaal, spreekt me aan. Wat ik graag wil toevoegen: We leven in een tijd waarin groeien een doel op zich is geworden: in de zin van meer, groter, wijder etc. Naar mijn idee kunnen we van de natuur ook leren dat een herfst op z’n tijd een gezonde fase is van loslaten en opruimen.

    Als we van de stijgende lijn, een cyclus kunnen maken, waarin we op z’n tijd een elegante herfst kunnen beleven, groeit de kwaliteit van leven. Immers na elke herfst komt een tijd van uitrusten en bezinnen (winter) en…. het wordt vanzelf weer lente met nieuwe ideeën en projecten. Zie ook mijn boek “Spirit in je werk, natuurwijsheid als inspiratie”. http://www.smaragd-coaching.nl.

  8. Wat nog goedkoper is; groeien in ‘in’zicht.
    En het levert zoveel meer op; duurzaamheid, respect, aandacht en zorg voor elkaar, wat dan weer geluk en dankbaarheid oplevert.
    Als we dáár nou eens met zijn allen de schouders onder zetten, en tijd in investeren; inzicht in het wonderbaarlijke ecosysteem van onze wereld, van onze aarde.
    Opdat wij ons opnieuw kunnen verwonderen.
    EN, opdat onze kinderen zich kunnen blijven verwonderen in hun ontdekkingstocht die leven en leren op en van deze aarde is.

  9. Mooi want als wij niet leren om van ons zelf te houden dan kunnen we ons zo wie zo niet staande houden. Daarom is de veiligheid, de geborgenheid, de liefde, die wij als basis behoren te krijgen belangrijk. om zo mee te kunnen groeien naar duurzaamheid en de grootschaligheid.
    Alles is in ons aanwezig, de tijd is er rijp voor dat wij ons dit weer gaan herinneren, dan kunnen we creëren en zal het plan zich ontvouwen van zo Boven zo Beneden!!
    Namasté Maria

  10. grootschaligheid is niet het ideaal: groei is het ideaal. Dat doet de natuur met een uitbundigheid, waar de mens van kan leren. Groei van de economie en daarmee van de hele maatschappij is voorwaarde om de wereld verder te helpen: de derde wereld moet geholpen worden om dichter bij de Westerse wereld te komen.Veel bedrijven en mensen doen daar aan mee. Even wachten en dan zal het goed komen.

  11. Beste Paul,

    Dank voor de wijze woorden. Je kunt pas groeien en verbinden als je je eigen kern kent, weet wie je bent en wat jij nodig hebt als voeding om te groeien. Helaas is daar in deze tijd weinig ruimte voor. Toch zie ik een kentering. Gelukkig raakt men doordrongen van het feit dat het niet alleen gaat om ‘wat je kent’ maar ook ‘wie je bent’.
    Als we naar de natuur kijken dan kunnen we daar zoveel van leren! Een appelboom blijft niet het hele jaar vruchten geven. Die moet voeding , water en goede grond hebben. En af en toe gesnoeid worden.En dan nog hangt het af van de weersomstandigheden wat de opbrengst gaat worden……
    Maar als we bij de mens net als in de natuur bij de basis beginnen zouden we dat ook in de samenleving van de toekomst terug kunnen vinden. Dan worden we met elkaar een mooie boomgaard.En pukken daar allemaal de vruchten van!

    Met vriendelijke groet,
    Emmy van Overdijk
    Levenskunstenaar en Ont-moeter

  12. dank voor deze uiterst belangrijke gedachten.
    Ik herken er veel in. Ik heb een jaar lang het leven rondom de Martinikerk in mijn woonplaats Sneek geschilderd, en kom steeds meer tot de overtuiging dat er een verbinding moet zijn tussen het “kleine verhaal” van gewone mensen, en het Grote Verhaal, van die kerk. Daar zit het geheim.
    met vriendelijke groet
    Anneke van der Werff
    kunstschilder

"Wat is uw reactie op mijn artikel? Mede namens de andere lezers bedankt voor het toevoegen van uw bijdrage. Laat een reactie achter voor mij, of reageer op elkaar. Het zou mij een plezier doen. Bedankt aan alle lezers die mijn weblog verrijken met een reactie." - Paul de Blot

NB: Uw emailadres wordt nooit gepubliceerd. Reacties met meer dan één link worden eerst gecontroleerd. Link alleen naar relevante websites. Gebruik uw reactie niet voor commercie.


4 + 1 =